Tweede Kamerlid Caroline van der Plas heeft een motie ingediend die vragen oproept over de haalbaarheid van actief hoogveenherstel in de Engbertsdijksvenen en over de onderbouwing van de plannen. De motie vraagt duidelijkheid over zowel ecologische als hydrologische uitvoerbaarheid en volgt op recente bezoeken en gesprekken met betrokken inwoners en boeren. De ingebrachte kritiek heeft het debat in de provincie en in landelijke kringen opnieuw aangewakkerd. De motie van Caroline van der Plas staat centraal in het politieke en bestuurlijke overleg rondom het gebied.
Betrokkenheid en kritiek
Omwonenden en landbouworganisaties stellen dat de gevolgen van de voorgestelde maatregelen onvoldoende meegewogen zijn en dat betrokkenen geen volwaardige rol hebben gekregen. Volgens Elly van der Helm van Vereniging Behoud Platteland zijn inwoners en grondeigenaren geen bijzaak en moeten zij gesprekspartner zijn bij uitvoering en ontwerp van maatregelen. Akkerbouwer Henk Ormel wijst op gebrekkige procesvoering en informatie: hij noemt een maatschappelijke kosten-batenanalyse die volgens hem vooral positieve effecten belicht en nadelen onvolledig in kaart brengt.
In het provinciehuis klinkt aan meerdere kanten onvrede over tempo en inhoud van het debat. Sommige partijen vragen om uitvoering voorlopig stil te leggen en eerst landelijke onderzoeksresultaten af te wachten, terwijl anderen benadrukken dat uitstel nadelig is voor zowel natuur als ondernemers. Gedeputeerde Maurits von Martels benadrukt dat doelstellingen wettelijke opgaven zijn en dat het gesprek nu over de uitvoering moet gaan, met ruimte voor regionale inbreng.
Ruimtelijke cijfers en gevolgen voor landbouw
Omwonenden wijzen op concrete ruimtelijke ingrepen die zij problematisch vinden: volgens betrokkenen gaat het praktisch om 0,1 hectare hoogveen binnen een gebied van ongeveer 1.000 hectare, terwijl plannen op papier veel groter zijn. Er liggen voorstellen voor vernatting van circa 250 hectare rond kerngebieden, en ongeveer 200 hectare landbouwgrond zou met zware beperkingen te maken krijgen, zoals een verbod op ontwatering en drainage. Een voorgestelde bufferzone van 450 hectare is gedeeltelijk door de provincie aangekocht; voor het resterende areaal is nog geen definitieve regeling.
Hydrologie, modellen en juridische vragen
De Commissie m.e.r. signaleert dat cruciale informatie ontbreekt, zoals precieze effecten van maatregelen, de impact van klimaatverandering en concrete natuurwinst in hectare en kwaliteit. Daarnaast bestaan juridische twijfels over de hydrologische onderbouwing: instanties hebben vragen geplaatst bij de toepasbaarheid van gebruikte berekeningsmethoden in complexe ondergronden en eisten nadere onderbouwing van effectafstanden. Deze onzekerheden beïnvloeden zowel bestuurlijke keuzes als het vertrouwen van lokale partijen.
Ervaring uit het veld
Volgens BBB-Statenlid Martien van ’t Hul is praktijkkennis uit het gebied cruciaal: zij wijst op hoogteverschillen en lokale variatie die modellen niet altijd vangen en pleit voor een gelijkwaardige rol voor boeren en inwoners in gebiedsprocessen. Omwonenden melden dat alleen rond een klein kerngebied met ruim 10 hectare al maatregelen zijn genomen en dat die kern positieve resultaten laat zien, maar dat de huidige plannen veel verder reiken en grote gevolgen kunnen hebben voor gebruik en bedrijfsvoering.
Stand van zaken
De BBB-fractie bereidt moties voor en onderzoekt de mogelijkheden voor vervolgdebatten; tegelijkertijd is er geen eenduidige beslissing over opschorting van uitvoering. Boeren in het gebied geven aan door te gaan met hun bedrijven en hun positie actief te verdedigen, terwijl de provincie aangeeft signalen uit de regio serieus te nemen en ruimte te bieden voor inbreng tijdens gebiedsprocessen.
Foto - www.nieuweoogst.nl