Volgens hoofdredacteur Dick Veerman en op basis van waarschuwingen van klimaatwetenschapper James Hansen krijgt 2026 kenmerken van een jaar waarin klimaatgevolgen direct voelbaar worden voor landbouw en leefmilieu. Hansen verwacht dat 2026 het warmste jaar tot nu toe wordt door de opwarming plus een nieuwe El Niño, wat directe druk legt op gewasopbrengsten, waterbeheer en brandrisico’s. De combinatie van aanhoudende opwarming en natuurlijke variabiliteit vertaalt zich in concrete risico’s voor oogsten, voedselprijzen en de veerkracht van landbouwketens.
El Niño verscherpt weerextremen
De opwarmingsfase in de tropische Stille Oceaan verandert mondiale luchtstromen en neerslagpatronen, waardoor regio’s als India, Zuidoost-Azië, centraal en zuidelijk Afrika en het Amazonegebied extra risico lopen op hittegolven, droogte en natuurbranden. Andere experts wijzen erop dat de volledige doorwerking van El Niño ook in 2027 effecten kan hebben, maar het actuele startniveau van de mondiale temperaturen maakt die periode al kwetsbaar. Voor landbouwoperaties betekent dit verhoogde kans op mislukte oogsten, lokale watertekorten en prijsvolatiliteit.
AMOC en impact op Nederland
De Duitse klimaatwetenschapper Stefan Rahmstorf waarschuwt dat de kans op instorting van de Atlantische Oceaancirculatie (AMOC) sterk is toegenomen; hij noemt nu een kans van meer dan 50%. Een verzwakte of stilvallende AMOC kan winters in Noordwest-Europa kouder maken en de dynamiek van neerslag en zeespiegel veranderen, en zonnige zomers paradoxaalerwijs droger maken. Voor Nederland kunnen deze verschuivingen leiden tot samenloop van risico’s: strengere winterse omstandigheden, hogere storm- en zeespiegelrisico’s en tegelijk zomerperioden met watertekorten die landbouwopbrengsten bedreigen; het ministerie erkent dat het huidige beleid onvoldoende rekening houdt met dit scenario.
Beleidsdebat en bedrijfsverantwoordelijkheid
Tegelijkertijd spelen politieke keuzes: de uitwerking van zorgplichten zoals in de CSDDD is afgezwakt, waarbij de grens voor directe verplichtingen uiteindelijk bij 5.000 werknemers kwam te liggen en daardoor veel bedrijven buiten directe regulering vallen. Klimaatrechtelijke kaders blijven echter bestaan in Europese klimaatwetgeving, emissiehandel, rapportageplichten en rechtspraak, en klimaatrechtspecialisten zoals Tim Bleeker benadrukken dat de zorgplicht niet zomaar verdwijnt, maar versnipperd raakt en bedrijven meer eigen initiatief oplegt.
Voor landbouwbedrijven en toeleveranciers betekent dit een keuzemoment: wachten op politieke scherpere regels of proactief investeren in risicobeperkende maatregelen zoals wateropslag, teeltdiversificatie en ketencontinuïteit. Marktpartijen en verzekeraars hebben behoefte aan voorspelbaarheid en een gelijk speelveld om investeringen te onderbouwen; veel bedrijven zullen daarom uit risicobeheersing eerder handelen dan uit idealisme.
Foto - www.foodlog.nl