De exportwaarde van de Nederlandse sierteelt in het eerste kwartaal van 2026 daalde met 0,6 procent, meldt Wageningen Social & Economic Research (WSER). De start van het jaar verliep moeizaam door ongunstige weersomstandigheden, een beperkter aanbod en kalendereffecten; in januari lag de exportwaarde 10,5 procent achter en in februari was de waarde 5,8 procent lager. Exporteurs rapporteren dat vooral snijbloemen het moeilijk hadden in de vroege maanden en dat koud weer het aanbod beperkte. WSER signaleert dat specifieke kalendereffecten, zoals samenloop van feest- en carnavalsdagen, invloed hebben gehad op vraagpieken en afzetmomenten.
Herstel in maart
In maart trok de exportwaarde duidelijk aan door een combinatie van vraagpieken, een vroeg Pasen en een extra veildag; hierdoor werden er volgens WSER bijna 8 procent meer bloemen verkocht en piekten kamer- en tuinplanten met ruim 18 procent. Belangrijke commerciële dagen, waaronder Internationale Vrouwendag en Moederdag in het Verenigd Koninkrijk, droegen sterk bij aan die opleving. Cumulatief bleef de verkoop van bloemen nog 3,5 procent achter terwijl de verkoop van planten 5 procent voorlag. De gezamenlijke exportwaarde van bloemen en planten bleef licht negatief na de eerste drie maanden.
Er bestaan zorgen binnen de sector over de gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten, voornamelijk vanwege logistieke knelpunten; het Midden-Oosten fungeert als belangrijke hub voor luchtvrachtstromen uit Afrika. Het uitvallen van vluchten vermindert de vrachtcapaciteit en drijft transportkosten op, waardoor in sommige Afrikaanse productielanden werd besloten productie niet af te sturen. Exporteurs die op die regio gespecialiseerd zijn, proberen klanten te blijven beleveren en passen logistieke routes en planning aan om leveringen zoveel mogelijk door te zetten.
Foto - www.nieuweoogst.nl